Het medisch dossier en het verpleegkundig dossier vormen samen het patiëntendossier. Dit patiëntendossier bevat een massa aan informatie met betrekking tot administratieve-, sociale- en gezondheidsgegevens waaronder gegevens van specialisten en gegevens van ziekenhuisopnames naast de gegevens van de huisarts.
Artikel 9, §1, lid 1 van de Wet Patiëntenrechten schrijft voor dat de arts het patiëntendossier zorgvuldig bewaart. De huisarts bewaart het medisch dossier gedurende minimum dertig jaar en maximum vijftig jaar. Het patiëntendossier kan immers levensreddende informatie bevatten. De Kwaliteitswet bevestigt de termijn en stelt dat deze termijn afloopt vanaf het laatste patiëntencontact.
Sinds kort rijst de vraag of deze bewaartermijn nog verder zal worden verlengd en of een dergelijke verlenging verenigbaar is met het beginsel van opslagbeperking zoals verankerd in de AVG.
Zo werd er in het kader van de nakende wijziging van de Wet Medisch Begeleide Voortplanting dan ook in het voorontwerp opgenomen om patiëntendossiers voortaan maar liefst 100 jaar te bewaren te rekenen vanaf de datum waarop het jongste donorkind of desgevallend de jongste afstammeling in de eerste graad van de donorkinderen de leeftijd van 18 jaar bereikt heeft. De ratio hierachter is o.a. dat donorkinderen de garantie krijgen op de beschikbaarheid van gegevens over hun donorouder of donorouders. Afstammelingen hebben immers het recht om kennis te nemen van de informatie die betrekking heeft op hun afstamming, relevante gezondheidsgegevens en de traceerbaarheid van genetische anomalieën.
In dat kader verleende de Belgische Gegevensbeschermingsautoriteit deze zomer een advies. Zij acht de gelijkstelling van de bewaartermijn tussen de donaties van voor de inwerkingtreding van het voorontwerp en na de inwerkingtreding van het voorontwerp problematisch. Volgens haar wordt er zo onvoldoende verduidelijkt in welke mate historische gegevens waarvan de bewaring reeds beëindigd had moeten zijn overeenkomstig de toen geldende regelgeving, alsnog het voorwerp kunnen uitmaken van registratie in het Centraal register. Bovendien vraagt zij zich af of de bewaringstermijn van meer dan 100 jaar te verregaand is om de nagestreefde doeleinden te bereiken. Deze nieuwe bewaringsregel zou moeilijk verenigbaar zijn met het beginsel van opslagbeperking zoals verankerd in artikel 5.1.e) van de Algemene Verordening Gegevensbescherming.
De Belgische Gegevensbeschermingsautoriteit stelt dan ook dat het voorontwerp dient te verduidelijken in welke mate de nieuwe bewaartermijn toepassing kan vinden op historische gegevens die werden verzameld onder een ander wettelijk kader en waarvoor oorspronkelijk afwijkende bewaartermijnen golden. Gelet op de beginselen van rechtszekerheid, noodzakelijkheid en opslagbeperking verdient deze overgangsregeling een expliciete motivering.
Op dit ogenblik staat een verlenging van de bewaartermijnen nog niet definitief vast. Niettemin is de kans aanzienlijk dat deze termijnen in de toekomst zullen worden opgetrokken, mede gelet op de afschaffing van de anonimiteit van gametendonoren, de stijgende levensverwachting en de toenemende wetenschappelijke inzichten op het vlak van genetica.
Indien u een zomeropkuis van uw archief heeft voorzien, verdient het aanbeveling om oudere patiëntendossiers momenteel nog niet te verwijderen.
Wenst u meer informatie of heeft u nog vragen? Contacteer ons via deze link.
